28 maart 2007

Bioblog: je verwacht het niet

Aan het einde van de negentiende eeuw was natuurkunde een hele elegante, logische en begrijpelijke wetenschap. Toen kwam Einstein, toen Planck, toen Hawking, en nu weten we meer over het universum dan ooit, maar een normale sterveling snapt er geen snars meer van. Het onzekerheidsprincipe, supersymmetrie, snarentheorieën, voor een theoretisch raamwerk dat de realiteit waarin wij leven moet beschrijven is het allemaal wel erg exotisch.

Maar daar is dan ook een reden voor: wij mensen vertrouwen op onze intuïtie. In evolutionair opzicht hartstikke handig, maar minder geschikt voor hogere wetenschap. Intuïtie laat ons namelijk gruwelijk in de steek als we te maken hebben met zaken waar we geen enkele ervaring mee hebben. Zo verzet ze zich in alle hevigheid tegen het idee dat materie is gemaakt van elektrisch geladen wolkjes waarschijnlijkheid, die misschien wel bestaan uit het in drie dimensies waarneembare deel van een tiendimensionale snaar; of zoiets in elk geval. Onze intuïtie associeert materie met dingen als solide, statisch en op één plek tegelijk, en het lijkt wel alsof elementaire deeltjes hun best hebben gedaan om precies niet te zijn wat we eigenlijk zouden verwachten.

Diezelfde fout wordt vaak gemaakt als het over onze hersenen gaat. Stel, je legt honderd verschillende personen onder een hele gevoelige fMRI-scanner en je laat ze allemaal de kleur rood zien. Je gebruikt ingewikkelde statistiek en wiskunde om de resultaten te analyseren, zodat je kunt zeggen: “Als mensen de kleur rood zien, vertonen hun hersenen dit-en-dit soort activiteit”.

En toch zullen hele volksstammen vervolgens vragen: “Maar wat zorgt er nu voor dat we rood als rood zien? Wat is de essentie van de ‘roodervaring’?” Er is zelfs een hele tak van filosofie die zich er mee bezig houdt.

Dat terwijl het heel goed mogelijk is dat het antwoord luidt: “Niks.” Rood licht bereikt je netvlies, dat stuurt een signaal verder de hersenen, en daar zitten neuronen die hun ding doen. Klaar.

Maar zoals onze ervaringen met materie zich beperken tot de schaal van alledaagse objecten, zo beperkt onze ervaring met mensenhersenen zich tot ervaringen met mensen. En zoals de quantumfysica niets heel laat van onze ideeën over de aard van materie, zo maakt de neurobiologie korte metten met onze opvatting over intelligentie. En dat is voor sommige mensen zo moeilijk te verstouwen, dat ze gaan hopen dat ergens in onze hersenen tóch stiekem iets verstopt zit, een soort van intelligent, héél klein kaboutertje, dat wél voldoet aan onze intuïtieve verwachtingen.

6 Reacties:

Anonymous jeroen zei...

leuk hoor. Lig ik daar twee weken te prutsen om een column over het lichaam-geest debat te produceren, schrijf jij omdat je even moet invallen voor Bart een tien-keer-betere. Peopperd.

28 maart 2007 om 21:34  
Anonymous Anoniem zei...

maar er zit toch wél een klein kaboutertje in mijn hoofd ? waar komt anders die stem vandaan die me vertelt vrouwen te ontvoeren en (vul zelf maar in)

AJ

29 maart 2007 om 10:13  
Blogger Wouter zei...

't wordt anders voor een leek niet erg duidelijk.

Wat bedoel je nou? Wat zijn onze opvattingen over intelligentie en wat zijn die van de wetenschap?

29 maart 2007 om 12:50  
Blogger Iknik zei...

Wat ik eigenlijk bedoel is dat veel mensen verwachten dat als je maar lang en hard genoeg naar hersenen kijkt, dat je vanzelf 'de essentie' van intelligentie vindt, of iets in de geest. En dat die essentie begrijpelijk en logisch is

Dat terwijl het heel goed zou kunnen dat er helemaal niets anders is dan hersencellen en elektrische stroompjes. En dat het voor ons gewoon niet honderd procent te begrijpen valt, om de simpele reden dat het te ver afstaat van de normale wereld.

29 maart 2007 om 13:15  
Blogger Iknik zei...

Ik ga dat even anders zeggen, trouwens: de werking van de hersenen valt wel te begrijpen, maar het zou wel eens volkomen in strijd kunnen zijn met de dingen die we normaliter associëren met intelligentie.

Mensen die zoeken naar het kleine mannetje in de hersenen, of naar de 'essentie van de roodervaring' doen dat voornamelijk omdat ze diep ongelukkig zijn met het idee dat intelligentie, op het niveau van de neurobiologie, totaal niet overeenstemt met hun intuïtieve idee er van.

29 maart 2007 om 13:27  
Blogger Wouter zei...

Nah, dat het allemaal neuroontjes en hormoontjes zijn geloof ik wel, maar de roodervaring bestaat wel degelijk.

mooi rood, lelijk rood, het kan allebei en het hangt nog af van je gemoedstoestand ook. Misschien dat volledig reductionisme toch niet alles is, zeker als je de helft van de onderdeeltjes nog niet hebt waargenomen of begrepen. Daar hebben quantummechanici ook zo'n last van.

30 maart 2007 om 12:28  

Een reactie plaatsen

<< Home